We arriveerden in Jerantut met de trein vanuit Kota Bharu
De trein is vies met veel kapotte stoelen, die achterover klappen.
Het is warm. De ventilatie in de trein is simpel: hij werkt niet. De toiletten
zijn ook al smerig en ze zijn niet om op te
zitten! Overal lopen kakkerlakken!!
Op zich is zo'n treinreis een belevenis. Alles gaat op z'n dooie akkertje. Als je vooraf
zegt, waar je ze moeten stoppen om je uit te laten stappen, dan doen ze dat.
De jungle is indrukwekkend!!
In de trein wordt ons gevraagd door een aardige
jongen, "Abdul" genaamd, of we in Jerantut uitstappen. Ja, dus.... We
arriveren in Jerantut. Een taxi brengt ons (gratis) naar een guesthouse. We
vinden een slaapplaats in het Greenpark Guesthouse. Deze staat ook in "the Rough Guide to Malaysia".
Voor RM20 per nacht
hebben we een tweepersoons kamer. Alle slaapkamers hebben een eenvoudige
ventilator aan het plafond.
Er is gratis koffie, thee, water....... Pak maar,
wat je wilt.
Ook kun je in de keuken je meegebrachte eten klaar maken.
Internetten kan ook voor RM4 per uur. Er is een gezamenlijke douche en toilet.
Eigenlijk is het een backpackers verblijf, maar je voelt je er meteen thuis. Zeer
gastvrij. Het guesthouse ligt zeer centraal en alles is vlak bij. Het is erg
goedkoop om buiten te eten. Dus dat doen we dan ook.
In de jungle-tain
Vanuit het guesthouse organiseren ze tochten met verblijf naar Taman Negara, waar ze ook een Rest
House hebben. Wij kiezen voor een 3-daagse privé overlevingstocht naar Kenong Rimba,
incl. gidsen, eten en drinken voor RM250 pp.
We moesten meenemen in
een rugzak:
Daarnaast moesten we een pet op en goede
loopschoenen aan.
Dag1
Eerst rijden we ongeveer 25 kilometer met een taxi bus.
Daarna stappen we in een boot, net een grote lange praam met afdak en
buitenboordmotor. We varen ongeveer 30 minuten op de rivier. Daarna moeten we 4
kilometer lopen. Hiervoor nemen we de tijd. We lopen nog zo'n 4 uren door
de jungle. We bereiken het basiskamp. Hier gebruiken we de lunch. Er wordt voor
ons rijst, groente, kip/omelet in een wok bereid.
's Middags gaat de tocht omhoog. We maken een zware wandeling naar een zeer oude
grot. Er zijn archeologen benaderd om uit te vinden, hoe oud deze grot is.
De zwarte aanslag van de vuren, die men
men vroeger maakte, is goed te zien. Er zijn heel veel vleermuizen, druipsteen,
padden en schorpioenen in de grot.
Daarna dalen we weer af. Het is zwaar! Voor jongeren moet dit gemakkelijker
zijn.
Vlak bij het basiskamp is een beek. Hier kunnen we zwemmen, zonder knokkelkoorts
te zullen oplopen. We zullen vannacht in hutten op palen moeten slapen.
In dit gebied komen olifanten, tijgers, zwijnen,
miereneters en wilde katten voor. Ze zijn erg schuw. Dus de kans om ze te zien,
is wèl klein. Wél zien we kleine eekhoorntjes, gibbon apen, vuurvliegjes,
glimwormen, vlinders, hagedissen etc.
Na het avondeten maken we nog een wandeling in de hoop dieren te zien. We zien
wel hagedissen, kevers en horen heel veel geluiden.
We slapen deze nacht op een eenvoudig bed.
Dag2
Een lange dag staat ons te wachten. Na het ontbijt krijgen we van alles voor een
overlevingstocht: slaapmatje, dunne slaapzak, een pakket met thee,
chocolademelk, koekjes, noedels en een sinaasappel.
Er volgt een voettocht van 4 uur door het oerwoud. Dan bereiken we een grot. We
kruipen naar binnen.
In deze grot zijn ook weer vleermuizen. Het wordt klimmen en dalen, totdat het
lunchtijd is.
We krijgen brood met tonijnsalade. We hebben veel last van bloedzuigers.
Onderweg is van alles te zien en te horen.
Tegen de avond stoppen we. Er wordt een vuurtje gemaakt en water gekookt uit een
beekje. Van onze zakjes noedels wordt een heerlijk maal klaargemaakt met tonijn
en saus.
Via een zelfgemaakte ladder, klimmen we in een grot om daar te slapen. Het is
erg hard met het te dunne matrasje. Het is echter wel heel speciaal, want je
hoort alle geluiden om je heen. Verder genieten we van het mooie uitzicht, omdat
de maan helder is.
Dag3
We kunnen ons niet met zeep wassen, omdat het riviertje, waar we ons in zouden
moeten wassen, ook ons drinkwater is.
Na het ontbijt lopen we nog een uur door de jungle. Bij een verfrissende
stroomversnelling kunnen we zwemmen. Terug in het basiskamp geven we onze
geleende spulletjes weer terug. We krijgen een uitgebreide lunch aangeboden.
Daarna moeten we terug naar Jerantut. We kunnen kiezen: 85 km met een busje of
met de trein
Jammer, dat we de wilde dieren niet konden
reserveren. Je moet geluk hebben, maar dat is overal.
Vanuit Jerantut brengt een snelbusje ons voor RM10.85 weer naar Kuala Lumpur. We hebben tijdig gereserveerd en hebben een
heus stoelnummer gekregen. Zo komen we aan bij ons eenvoudig hotelletje in het
hart van Kuala Lumpur.